CDO HB LB ME VD
 
Onze visie op secundair onderwijs
 
 
ÉÉn school, vijf departementen…

Met elk departement zijn eigenheid:

 

Ons Eigen OpvoedingsProject                    

 
 

Het Sint-Jozefinstituut is een eigentijdse, moderne school met een uitgebreid studieaanbod van technisch, beroeps en deeltijds beroeps secundair onderwijs. Onze werking is gebaseerd op drie essentile pijlers:

  1. kwaliteitsonderwijs
  2. het welbevinden en de betrokkenheid van onze leerlingen en ons personeel
  3. levensecht onderwijs.

1. Kwaliteitsonderwijs
Onze school wil onze leerlingen op de eerste plaats goed voorbereiden op verdere studies of op een succesvolle, professionele start op de arbeidsmarkt. Degelijk geschoolde, gengageerde en bezielde leerkrachten brengen onze leerlingen de nodige kennis, vaardigheden en attitudes bij. Zij nemen hiervoor de verantwoordelijkheid op voor iedere leerling en stralen zelf de nodige beroepsfierheid uit.
Leerkrachten krijgen de nodige ruimte voor nascholing en beroepsvervolmaking. Ze delen hun professionele bagage met hun collega's in vak- en werkgroepen. Beginnende leerkrachten worden intensief begeleid door hun mentor.
De school investeert sterk in een veilige en aangename leer en -werkomgeving, in moderne infrastructuur en in eigentijdse didactische leermiddelen om op die manier deskundig onderricht te kunnen geven aan haar leerlingen.
Om alle leerlingen maximale kansen te geven, bieden we ze ondersteuning in hun studiekeuzeproces. We orinteren iedere leerling naar een studierichting die voor hem/haar echt geschikt is, die goed aansluit bij de persoonlijke capaciteiten en interesses. Duidelijke informatie over het studieaanbod, gerichte en gefundeerde adviezen door de klassenraad en het CLB dragen hiertoe bij.
Onze leerlingen moeten 'leren leren'. Leren is een proces waarin kennis en competenties gaandeweg eigen gemaakt worden. Van onze leerlingen wordt op dit vlak een toenemende verantwoordelijkheid en zelfstandigheid verwacht. Ze worden hierbij begeleid door hun leerkrachten. Wij differentiren naargelang de mogelijkheden van de leerlingen. Er kan een stapje verder gegaan worden met wie meer aankan en er wordt aandacht geschonken aan wie leerproblemen ondervindt. Wij voorzien speciale ondersteuning bij bepaalde leerstoornissen.


2. Welbevinden en betrokkenheid van onze leerlingen en ons personeel
De leerling bekleedt een centrale plaats in onze school. De onderlinge betrokkenheid van directie, middenkader, leerkrachten, ondersteunend personeel en leerlingen, creert een aangename schoolsfeer waar iedereen zich persoonlijk gewaardeerd voelt. Een zorgzame en veilige omgeving laat mensen toe te mogen zijn wie ze zijn. Alle personeelsleden besteden aandacht aan het welbevinden van onze leerlingen. Ze worden hierbij ondersteund door de klassenleraar, de vertrouwenspersoon, de prefecten, interne en externe leerlingenbegeleiding. Het groepsgevoel, de sociale verbondenheid en de betrokkenheid worden bevorderd door onthaalactiviteiten, groepsbevorderende initiatieven, projectdagen,.
Participatie vinden we belangrijk. Het personeel heeft een inbreng in het beleid van de school via de wettelijke organen of door hun bijdrage in de departementale raad, in overleg- en adviesorganen, in personeelsvergaderingen, . Een samen gedragen verantwoordelijkheid
voor de schoolorganisatie, voor de leef- en werkomstandigheden, is een verrijking voor de algemene werking.
Ook leerlingen kunnen hun inbreng hebben. Zij kunnen in de leerlingenraad voorstellen en ideen kwijt en van daaruit initiatieven nemen die meer relif en kleur geven aan het dagelijks schoolleven.
Ouders participeren in de ouderraad. Daarnaast kunnen ouders met hun vragen of voorstellen terecht bij leerkrachten en directie.
We zijn een open school, waar alle betrokkenen hun stem kunnen laten horen om van 'de' school 'onze' school te maken.
We houden van orde en een gezonde (zelf)discipline op school. Een consequente toepassing van de leefregels biedt voor iedereen duidelijkheid, structuur en houvast. We laten de nodige ruimte voor een zekere vrijheid en een met de leeftijd toenemende verantwoordelijkheid. Leerlingen krijgen groeikansen in hun ontwikkeling naar volwassenheid.
We streven een opvoedingspatroon na dat gebaseerd is op belangrijke waarden en normen zoals bijvoorbeeld verdraagzaamheid, doorzettingsvermogen, verantwoordelijkheidszin, eerlijkheid, respect. Onze christelijk-evangelische visie is hiervoor onze inspiratie.


3. Levensecht onderwijs
De opleiding en de vorming die wij onze jongeren willen meegeven, sluit aan bij de maatschappelijke en economische realiteit. Onze leerlingen ontwikkelen een professionele ingesteldheid, die beroepsfierheid koppelt aan zin voor kwaliteit, veiligheid en oog voor details. Via stages, projectwerking, een aanvullende tewerkstelling of een klantgerichte werking in de eigen school, leren onze leerlingen hun praktische vaardigheden in een realistische, en vaak ook rele, arbeidscontext.
Naast de theoretische en praktijkgerichte vorming, probeert de school effectief bij te dragen tot de vorming van de hele persoonlijkheid van de leerling.
Onze school organiseert tal van mogelijkheden die bijdragen tot de intellectuele, culturele, sociale, spirituele en sportieve ontplooiing van onze jongeren. Wedstrijden, buitenlandse reizen, educatieve films, muziek, acties voor het goede doel, bezinningsmomenten, sportmanifestaties, enz. verruimen hun horizon en hun ervaringswereld.
Het Sint-Jozefinstituut is een ambitieuze school met een menselijk karakter. Wij geloven dat we met ons opvoedingsproject kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van onze jongeren tot gelukkige mensen en tot dragers van de maatschappij van de toekomst.

   
 

Het Centrum voor Deeltijds Onderwijs

 

CDO Kogeka is een Centrum voor Deeltijds beroepssecundair Onderwijs en vormt een buitenbeentje ten opzichte van de andere departementen. Hier organiseren wij beroepsopleidingen voor alle jongeren die leren willen combineren met werken. Binnen het Sint-Jozefinstituut zijn we een aparte eenheid met een sterke en nauwe verbondenheid tussen jongeren en begeleiders.

Het deeltijds onderwijs is een zeer interessante combinatie tussen leren en werken: jongeren van 15 tot 25 jaar kunnen zich al werkend bekwamen in beroepsvaardigheden en worden voorbereid op een actieve rol in de samenleving. Gedurende twee dagen volg je een opleiding in ons centrum, de andere dagen ga je werken.  Heb je geen job, dan zullen we samen met jou naar een job of een andere zinvolle oplossing zoeken: brugprojecten, voortrajecten en persoonlijke ontwikkelingstrajecten zijn mogelijkheden die leiden naar een volledige week, een streefdoel dat voor iedere opleiding zeer belangrijk is.. 

In ons centrum vind je aangename les- en praktijklokalen met een  moderne, aangepaste uitrusting. Tijdens de twee dagen in het centrum voorzien wij een opleiding van 15 uur die bestaat uit een combinatie van beroepsgerichte vorming en algemene, sociale en persoonlijkheidsvorming (ASPV).  Wij leggen een sterke nadruk op de vorming van je hele persoonlijkheid. Doorzettingsvermogen, flexibiliteit, verantwoordelijkheids-zin, kwaliteitsbewustheid, zin voor samenwerking en resultaatgerichtheid zijn basishoudingen die centraal staan in de algemene en beroepsgerichte vorming.

In het deeltijds onderwijs bestaan er geen vakken, leerjaren of graden zoals in het voltijds onderwijs.  Tijdens de algemene, sociale en persoonlijkheidsvorming werken we rond thema’s die je wegwijs maken in de maatschappij en in je job.  De keuze van de thema’s leggen we voor een stuk samen vast.  Voorbeelden van thema’s zijn veiligheid, sport, computergebruik, creatieve technieken, solliciteren, wonen, bankieren, enz.  In ons centrum kan je ook de cursus bedrijfsbeheer volgen.  Na twee schooljaren kan je het attest van de basiskennis van bedrijfsbeheer behalen.

De beroepsgerichte vorming sluit zo dicht mogelijk aan bij de arbeidservaring die je opdoet op de tewerkstellingsplaats.  De lessen zijn vooral praktijkgericht.  Dit wil zeggen dat het aanleren van praktische vaardigheden de hoofdzaak is.  De beroepsgerichte vorming bereidt je voor op het behalen van deelcertificaten of een certificaat van de opleiding waarmee je op de arbeidsmarkt aan de slag kan gaan.

Na het behalen van een certificaat kan je een getuigschrift van de 2de graad, een studiegetuigschrift van het 2de leerjaar van de 3de graad of het diploma van het secundair onderwijs behalen.

Het centrum engageert zich om, samen met jou, een aangepast traject uit te stippelen waarbij tewerkstelling centraal staat en dat toekomstperspectieven biedt. We spelen in op jouw specifieke opleidingsbehoefte. 
   
 

Het departement Hout-Bouw

 

Voor jongeren die een hart hebben voor ‘de bouw’ en die letterlijk mee vorm willen geven aan de hedendaagse infrastructuur, biedt de bouwsector een grote diversiteit aan mogelijkheden. Het is een sector waar niet alleen structurele werken (ruwbouw-, funderings- of terreinwerken) belangrijk zijn, maar waar tevens de afwerking (houtwerk, schilderwerk en decoratie) een belangrijke rol speelt. 
Om in te spelen op deze grote verscheidenheid bieden wij onze leerlingen een heel gamma aan studiemogelijkheden.  Zo komen we tegemoet zowel

  • aan de theoretisch-technisch gerichte leerlingen die verder door willen stromen naar het hoger onderwijs (TSO Bouw- en houtkunde, waarbij studie en ontwerp van bouwprojecten centraal staan);
  • als aan de praktisch-technisch gerichte leerlingen die de weg naar het hoger onderwijs willen openhouden, maar ook willen voorbereid worden op de arbeidsmarkt (TSO Houttechnieken);
  • als aan de leerlingen die een praktische en arbeidsgerichte opleiding willen volgen (BSO Ruwbouw, Schilderwerk en Decoratie, Houtbewerking, en Bouwplaatsmachinisten).  Aansluitend op elk van deze opleidingen bieden wij de mogelijkheid om verder te specialiseren (7de jaar – Renovatiebouw, Decoratie- en Restauratie, Industriële Houtbewerking en Mechanische en Hydraulische kranen).  Dit 7de specialisatiejaar maakt bovendien de weg terug open naar studies in het hoger onderwijs in specifieke aansluitende richtingen.

Naast al deze ‘bouw’-richtingen behoort ook het 5de en 6de jaar ‘TSO Chemie’ en het ‘7de jaar Naamloos BSO’ tot dit departement.

  • Chemie is gericht op doorstroming naar het hoger onderwijs, maar sluit ook directe tewerkstelling niet uit.  Ze mikt op jongeren die wetenschappelijke kennis willen opdoen en deze willen gebruiken in direct maatschappelijke toepassingen van de wetenschap (chemisch onderzoek, procescontrole, laboratoriumwerk, enz.)
  • Het unieke 7de jaar Naamloos BSO is een jaar ingericht zonder specialiteit, en is bedoeld voor de leerlingen die na een willekeurig 6de jaar BSO hun kans willen wagen in het hoger onderwijs van één cyclus (Bachelor).  Dit leerjaar is dus echt een voorbereidingsjaar om BSO-leerlingen ‘een kans tot lukken’ te geven in het hoger onderwijs.  De nadruk ligt op algemeen vormende en theoretisch-technische leerstof, met veel aandacht voor wiskunde, talen en wetenschappen.

Via stages, samenwerkingsverbanden, bezoeken aan bouwwerven, bedrijven en beurzen, deelname aan werfvergaderingen en studiedagen onderhouden we  nauwe contacten met de sector en met de vervolgscholen.  Het FVB (Fonds voor Vakopleiding in de Bouwnijverheid), de VDAB, aannemers, leveranciers, klanten, en de hogescholen zijn hierbij belangrijke partners.  Dit maakt dat we steeds op de hoogte blijven van de nieuwe technologische ontwikkelingen en van de attitudes en competenties die van onze leerlingen worden verwacht.  Het onderwijsproces wordt aanhoudend bijgestuurd, zodat we steeds een kwalitatieve opleiding kunnen verzekeren.
Voor de praktijkoefeningen kiezen we resoluut voor werkelijke bouw- en renovatieprojecten, en dit zowel binnen als buiten de schoolmuren.  Onze leerlingen krijgen zo de kans om mee te bouwen aan een mooie en aangename omgeving.  Door het realiseren van afgewerkte en blijvende bouwwerken blijft hùn werk nog jaren zichtbaar! Deze ‘levensechte’ werkwijze biedt talrijke meerwaarden: belangrijke attitudes als flexibiliteit, zelfstandigheid, verantwoordelijkheid, veilig werken, beroepsfierheid, respect en werken in groep worden ervaren en aangeleerd.
Dankzij een opdeling in departementen zorgen we ervoor dat we de voordelen van een grote school combineren met die van een kleinere leefkern. Zo bieden wij een open sfeer en maken we rechtstreekse contacten tussen directie, middenkader, leerkrachten, leerlingen en hun ouders mogelijk.  Het direct aanspreekbaar zijn, verhoogt het welbevinden van leerlingen en leerkrachten.
Enerzijds verwerven onze leerlingen de nodige technische bagage die ze regelmatig kunnen toetsen en aanwenden in reële situaties. Anderzijds voorzien we voldoende ruimte voor een brede algemene vorming en totale persoonlijkheidsontwikkeling.
Door de verwezenlijking van ons pedagogisch project zijn wij ervan overtuigd dat we onze afstuderende leerlingen met een gerust hart kunnen uitsturen, en dat ze maximale kansen krijgen voor een mooie toekomst.

   
 

Het departement Landbouw

 

Het agrarisch onderwijs biedt een unieke manier van leren, over plant en dier, maar ook door plant en dier. Niet louter de theorie maar ook waarnemingen over leven en groei in de natuur, op bedrijven, in het eigen schoollaboratorium vormen het uitgangspunt. Deze nauwe binding van de theorie met hetgeen zich in de onmiddellijke leefsfeer van de leerling voordoet, wekt de nieuwsgierigheid en de wil om er meer over te weten; dit alles komt de diepgang van het onderwijs ten goede.

Binnen ons studieaanbod komen we zowel tegemoet

  • aan de wetenschappelijk gerichte leerlingen die verder door willen stromen naar het hoger onderwijs (biotechnische wetenschappen);
  • als aan diegenen die de weg naar het hoger onderwijs willen openhouden, maar ook willen voorbereid worden op de arbeidsmarkt (TSO landbouw- en dierenzorgtechnieken);
  • als aan de leerlingen die een praktische en arbeidsgerichte opleiding willen volgen (BSO landbouw en dierenzorg).

Om voldoende praktijkgericht te kunnen werken en om te kunnen inspelen op de noden van de regio is het belangrijk de banden met de sector goed te bewaren. Stages, projecten, samenwerking met de Hooibeekhoeve, externe praktijklocaties, studiedagen, beurzen (prominant, dierenhappening, agribex, …) zijn hier zeker op hun plaats en we willen vanuit de school ook de nodige souplesse behouden om vlot op deze initiatieven te kunnen inspelen.

Onze leerlingen hebben een sterke verwevenheid met en een grote interesse voor planten, dieren, het landschap, de landbouw, de natuur, het milieu, …. Deze gedeelde interesse schept een band en geeft een sterke verbondenheid met elkaar. Voor leerlingen in ons departement is de saamhorigheid belangrijk. We streven er vanuit de school ook naar deze saamhorigheid te bevorderen. Daarom willen we de kleinschaligheid en de gemoedelijkheid van onze activiteiten, info-avonden, ouderavonden, proclamatie, … bewaren. Op deze manier wordt informeel contact mogelijk gemaakt. Het familiale karakter van ons departement wordt er door onderstreept en de band met de ouders wordt aangehaald. Net zoals met de ouders willen we ook met onze leerlingen die ‘oud-leerlingen’ worden, via het klaverblad, onze olela-avonden, het jaarlijkse landbouwbal, … de banden bewaren.

Dankzij de korte communicatielijnen is de afstand leerling-leerkracht-directie klein. Hierdoor kunnen we kort op de bal te spelen en wordt een goede opvolging van onze leerlingen verzekerd. De samenwerking directie-leerlingbegeleiding-CLB- klassenraad neemt hierbij een belangrijke plaats in.

Collegialiteit, vertrouwen en samenwerking worden binnen het korps hoog in het vaandel gedragen. Hierdoor ontstaat een aangename, warme sfeer en die komt de werking van de hele school ten goede. Leerkrachten worden gestimuleerd allerhande activiteiten te organiseren die de ‘familiale sfeer’ bevorderen. Leerlingen realiseren zich dan dat ze op ‘hun’ school welkom zijn, dat ze zichzelf mogen zijn, dat er op school mensen zijn die hen een eindje willen begeleiden op hun weg naar volwassenheid.
   
 

Het departement Mechanica-Elektriciteit

 

Het departement Mechanica-Elektriciteit heeft een groot studieaanbod en verzorgt opleidingen op TSO- en BSO-niveau. Dit stelt de leerling in staat om op elk ogenblik te kiezen voor de opleiding die het best bij hem past en hem de ruimste toekomstmogelijkheden biedt. Door de grote diversiteit aan opleidingsmogelijkheden en studieniveaus is veranderen van keuze mogelijk binnen de school, waardoor eventuele aanpassingsmoeilijkheden aan een nieuwe schoolomgeving vermeden worden. Uiteraard is interesse voor techniek heel belangrijk om technologische vooruitgang te kunnen realiseren.

  • In het TSO is het inzichtelijk leren gebaseerd op een ondersteunende technische kennis. We willen onze leerlingen opleiden tot goede technici die gewapend zijn voor een goede instap op de arbeidsmarkt én vervolgonderwijs (levenslang leren). In deze onderwijsvorm onderscheiden wij twee leerwegen:
    • De zogenaamde theoretische technisch-wetenschappelijke studierichtingen. Dit zijn Industriële wetenschappen, Elektromechanica, Elektriciteit-Elektronica en Industriële ICT. Deze richtingen zijn « doorstroomrichtingen » die in de eerste plaats voorbereiden op hoger onderwijs, zonder daardoor een rechtstreekse tewerkstelling uit te sluiten. Onze studierichting 'Industriële Wetenschappen' is de studierichting die jongeren het best voorbereidt om verder te studeren in eender welke richting. Haar programma heeft een algemeen vormend karakter en zouden we om die reden een 'technische humaniora' kunnen noemen. Het confronteert jongeren met de wereld van de techniek.
    • De zogenaamde praktische technische studierichtingen. Dit zijn Autotechnieken, Mechanische vormgevingstechnieken, Orthopedietechnieken en Elektrische Installatietechnieken. Deze richtingen zijn « techniekenrichtingen » die gericht zijn op een onmiddellijke overstap naar de arbeidsmarkt maar die verder studeren niet uitsluiten.
  • In het BSO beklemtonen we onder meer het handelingsgerichte karakter. Uitgangspunt is het inzichtelijk leren handelen in de context van een beroep. Het beheersen van een vak is vaak een garantie naar de toekomst. We willen leerlingen dan ook opleiden tot goede vakmensen met een zekere beroepsfierheid door het aanbieden van:
    • Praktische en arbeidsgerichte opleidingen: BSO Auto, Elektrische Installaties, Lassen-constructie, Werktuig-machines;
    • Specialisaties: Auto-Elektriciteit, Industriëel Onderhoud, Industriële Elektriciteit. Al deze 7de specialisatiejaren BSO verdiepen de kennis en vaardigheden die werden opgedaan in 3de graadstudierichtingen, en zetten de jongeren met een diploma van secundair onderwijs op de arbeidsmarkt.

 

Het departement Mechanica-Elektriciteit onderhoudt nauwe banden met de Katholieke Hogeschool Kempen (KHK) draagt er toe bij dat veel van onze uit de doorstroomrichtingen er met succes verder studeren. Onze leerkrachten die lesgeven in onze eindjaren onderhouden nauwe contacten met docenten uit het hoger onderwijs (o.a. via aanwezigheid op de geïntegreerde proefvoorstellingen, gebruik van labofaciliteiten, …).
Via stages, samenwerkingsverbanden, bezoeken aan bedrijven en beurzen, … onderhouden we nauwe contacten met de bedrijfswereld. Dit maakt dat we steeds op de hoogte blijven van de nieuwste technologische ontwikkelingen. Het levert ook een bijdrage in de vorming van jongeren bij denkprocessen, methodes van aanpak, leer- en leefattituden. Dit levensechte biedt een belangrijke meerwaarde.
Begeleiding van jongeren is een bijzonder aandachtspunt. Leerkrachten ondersteunen de leerlingen bij het ontwikkelen van hun attitudes, vaardigheden en kennis. Bij het keuzeproces van onze leerlingen mogen ze rekenen op objectieve informatie.
Als school gaan wij ervan uit dat we, samen met de ouders, een positieve verbondenheid kunnen scheppen met één gezamenlijk doel voor ogen: onze jongeren een veilige omgeving bieden om te leren en om zich veelzijdig te ontplooien met het hart op de juiste plaats.

   
 

Het departement Voeding

 

Het departement voeding biedt de mogelijkheid voedingsmiddelen te bewerken en te verwerken tot fijne delicatessen. In het beroepsonderwijs bieden wij zowel slagerij, bakkerij als restaurant-keuken aan. In het technisch onderwijs kan je les volgen in de afdeling hotel.
Wij rusten onze oefenlokalen en werkplaatsen goed en hedendaags uit. Onze leerkrachten stralen beroepsfierheid uit en dragen dit over naar onze leerlingen. Het enthousiasme waarmee onze leerlingen starten in de opleiding dient permanent ondersteund te worden. De mogelijkheden tot creativiteit en de waardering vanwege de klanten motiveren hierbij.

De tweede graad zorgt voor een stevige basis, ook in de algemene en technische vakken. In de praktijklessen hebben demonstraties een belangrijke plaats. Differentiëring in werkvormen en in leerstof helpen de leerlingen te leren op hun manier en aan hun tempo. Iedereen krijgt kansen om zich de leerdoelen eigen te maken.
Onze leerlingen worden volop ondersteund en begeleid. Wij hebben aandacht voor het ontwikkelen van attitudes, vaardigheden en kennis. Deze zijn zowel in, maar ook buiten de voedingssector, nuttig en nodig. De leerkrachten brengen de interesses van de leerlingen in kaart en spelen erop in.

De overgang van de tweede naar de derde graad wordt bewaakt in functie van behaalde en te behalen kennis en kunde. De leerkrachten zetten zich volledig in voor de begeleiding van het keuzeproces van onze leerlingen. Inhaalmomenten en informatieverstrekking zijn twee manieren waarop deze engagementen zich uiten.

De derde graad biedt ruimte voor verdere ontplooiing en ontwikkeling. Het bereiken van de doelstellingen wordt steeds meer afgemeten aan de kwaliteit van de afgewerkte oefeningen. Attitudes, vaardigheden en kennis worden gefinaliseerd. Stages, geïntegreerde proeven, wedstrijden en uitdagende werkstukken tijdens de schoolpraktijk, stimuleren de leerlingen om zich verder te specialiseren. In de technische richting laat een stage in hotels de diverse aspecten van de opleiding tot hun recht komen. De leerlingen van de beroepsafdelingen vervullen stages bij ambachtelijk werkende zelfstandigen, in ketens,… De relatie algemene vakken-technische vakken-beroepsuitoefening moet tot uiting komen in deze stages en in de geïntegreerde proeven.

De leerlingen van restaurant-keuken kunnen terecht in het zevende specialisatiejaar traiteur-banketaannemer. Voor de leerlingen van de afdeling slagerij worden in de derde graad oefeningen georganiseerd die de overgang naar de opleiding traiteur-banketaannemer haalbaar maken. Dit specialisatiejaar bieden wij aan onder de vorm van een minionderneming. De leerlingen uit de afdeling bakkerij kunnen zich vervolmaken in het bereiden van desserts en in de bewerking van chocolade.
Tijdens stages, geïntegreerde proeven en studiereizen, één- of meerdaags, trachten de leerkrachten mekaar te vinden om sterk geïntegreerd te werken. Het zijn unieke instrumenten en leermiddelen om attitudes, vaardigheden en kennis te verbeteren en om vakoverstijgende doeleinden na te streven.

Talen en taalgebruik zijn belangrijk in het voedingsonderwijs, evenals een goede attitude op gebied van hoffelijkheid, beleefdheid en etiquette. Houding en taal dienen mekaar te versterken. Ons talenonderricht is zeer praktisch. Het is gericht op de concrete beroepsuitoefening en ondersteunt de algemene kennis van de leerling als bakker, slager of hotelier/restaurantuitbater.
Het departement voeding en zijn leerkrachten volgen de arbeidsmarktevoluties op. Zodoende kunnen wij onze leerlingen ook een realistisch beeld bieden van hun tewerkstelling en tewerkstellingskansen. Het werkaanbod in de sector is hoog. Er zijn enorm veel kansen tot verder specialiseren tijdens het werk.

Ook inzake mogelijke vervolgstudies houden onze leerkrachten een vinger aan de pols, dit door informele contacten met afgestudeerden, bijvoorbeeld tijdens onze opendeurdagen. Onze leerlingen hotel hebben realistische kansen op slagen in hotelmanagement, dieetleer, toerisme en in het handelsonderwijs. De aandacht voor creativiteit en het oefenen van sociale vaardigheden in onze opleiding biedt mogelijkheden voor onze afgestudeerden in bijvoorbeeld een lerarenopleiding.

Zo komen wij tot onze echte finaliteit. Deze overstijgt de vakkennis, het kunnen koken, bakken of versnijden. Wij halen de attitudes, vaardigheden en kennis van onze leerlingen naar boven om ze verder te ontwikkelen. Zo kan ook de leerling op zijn beurt een waardevolle bijdrage leveren aan de maatschappij.